Je window of tolerance
Hoeveel ruimte heb jij voor spanning?
Soms gebeurt er van alles op een dag en lukt het je prima om ermee om te gaan. Je hebt een volle agenda, er komt iets onverwachts tussendoor en toch blijf je helder. Je kunt nadenken, voelen wat er gebeurt en reageren op een manier die bij je past.
Op een andere dag kan hetzelfde veel moeilijker zijn. Een kleine opmerking raakt je ineens diep. Je wordt sneller geïrriteerd, je hoofd blijft maar doorgaan of je hebt het gevoel dat alles je te veel wordt. Misschien trek je je juist terug en voel je je moe, leeg of afwezig.
Hoe kan dat?
Een manier om dit te begrijpen is het begrip window of tolerance. Vrij vertaald: het venster waarbinnen je zenuwstelsel voldoende ruimte heeft om spanning en prikkels te verwerken.
De bandbreedte van je zenuwstelsel
Je window of tolerance kun je zien als de bandbreedte van je zenuwstelsel. Binnen die bandbreedte kun je verschillende emoties, prikkels en vormen van spanning ervaren, terwijl je toch voldoende aanwezig blijft om te kunnen denken, voelen en reageren.
Het betekent dus niet dat je binnen je window altijd ontspannen bent.
Je kunt verdrietig zijn, boos worden, zenuwachtig zijn of veel spanning voelen en toch binnen je window blijven. Je systeem is dan in staat om die activatie te verwerken zonder dat je overspoeld raakt of juist helemaal afsluit.
De grootte van die bandbreedte verschilt van persoon tot persoon. Maar ook bij jezelf kan je window veranderen. Op een dag waarop je goed hebt geslapen en voldoende hersteld bent, heb je misschien meer ruimte dan wanneer je al weken onder druk staat.
Daarom kan dezelfde situatie de ene keer prima te hanteren zijn en je een andere keer volledig uit balans brengen.

Wanneer je buiten je window raakt
Wanneer de spanning groter wordt dan je op dat moment kunt verwerken, kan je buiten je window of tolerance terechtkomen. Dat kan twee kanten op gaan.
Aan de bovenkant ontstaat hyperarousal. Je zenuwstelsel komt in een hoge staat van activatie. Je kunt je gejaagd, gespannen of opgejaagd voelen. Misschien ga je piekeren, reageer je kortaf of merk je dat je steeds moeilijker kunt ontspannen.
Aan de andere kant is er hypoarousal. Je systeem lijkt dan juist minder actief te worden. Je voelt je bijvoorbeeld moe, leeg of afgestompt. Je trekt je terug, hebt weinig energie of merkt dat je minder goed contact hebt met jezelf en je omgeving.
Misschien herken je vooral één van deze reacties. Maar het kan ook zijn dat je wisselt tussen beide. Eerst sta je volledig ‘aan’ en wanneer dat te lang duurt, klapt het systeem als het ware naar de andere kant.
Deze reacties zijn niet goed of fout. Het zijn manieren waarop je zenuwstelsel probeert om te gaan met een hoeveelheid spanning die op dat moment te groot is. Het is wat er is en de kunst is te 'zien' waar je zelf zit. Dan kun je er namelijk invloed op leren uitoefenen.
Je window kan veranderen
Een belangrijke eigenschap van je window of tolerance is dat het geen vaste maat is.
Langdurige stress, slaaptekort, zorgen, overbelasting of weinig herstel kunnen ervoor zorgen dat je beschikbare ruimte kleiner wordt. Je hebt dan minder nodig om uit balans te raken.
Andersom kan je window ook weer groter worden. Door voldoende herstel, het leren herkennen van signalen van je lichaam en het ontwikkelen van manieren om met spanning om te gaan, kan je meer ruimte krijgen.
Daarbij gaat het niet om het vermijden van spanning. Spanning hoort bij het leven. Je kunt niet voorkomen dat je wordt geraakt, dat iets spannend is of dat er periodes zijn waarin veel van je wordt gevraagd.
Het gaat erom dat je steeds beter leert herkennen waar je op dat moment zit.
Wat merk je wanneer je richting de bovenkant van je window beweegt? Word je sneller geïrriteerd? Ga je harder werken? Begin je te piekeren? Voel je spanning in je lichaam?
En wat merk je wanneer je richting de onderkant gaat? Trek je je terug? Word je moe? Voel je minder? Heb je behoefte om je af te sluiten?
Door deze signalen eerder op te merken, kun je eerder iets doen. Niet pas wanneer je volledig overprikkeld bent of uitgeput raakt, maar op het moment waarop je merkt dat je ruimte kleiner wordt.
Een grotere window betekent overigens niet dat je alles maar moet kunnen verdragen. Het betekent ook niet dat je minder gevoelig wordt of minder emoties ervaart.
Het betekent vooral dat er meer ruimte ontstaat tussen wat er gebeurt en hoe je erop reageert.
En juist die ruimte kan veel verschil maken.
Je hoeft niet altijd rustig te zijn. Je hoeft spanning niet uit je leven te halen. Het gaat erom dat je zenuwstelsel voldoende ruimte heeft om mee te bewegen met wat het leven van je vraagt.
Veerkracht betekent misschien wel niet dat je nooit uit balans raakt, maar dat je steeds beter leert herkennen wanneer dat gebeurt en weet wat je helpt om weer terug te komen.


